Kale
tot schaars begroeide eilandjes en stranden nabij uitgestrekte, visrijke
wateren. Vooral in de Delta en in het Waddengebied zijn dergelijke
leefgebieden. Broedt op rustige schelpen- of grindbanken nabij ondiep
water. In Finland soms op platte daken.
Kenmerken
Duidelijk
snellere en schokkerige vleugelbewegingen dan andere sterns en korte
staart. Luidruchtige dieren. De Dwergstern is een kolonie-broedvogel.
Voedsel bestaat uit vis.
Trek
Het
zijn zomervogels die arriveren in april en in september weer naar
de overwinteringsgebieden voor de kust van West-Afrika trekken. VeeL doortrek in mei en vooral augustus.
Aantallen
Duidelijke
afname en zeer beperkte verspreiding. Gebondenheid aan kwetsbaar broedbiotoop.
Door de uitvoering van de Deltawerken, de havenuitbreiding van Rotterdam
en de opkomst van het massatoerisme op de stranden zijn veel broedplaatsen
ongeschikt geworden of geheel verdwenen. Bovendien leidde de vergiftiging
van het in de Noordzee stromende Rijnwater in de jaren zestig tot
sterfte, waardoor eind jaren zestig nog maar 100 paren in Nederland
broedden. Na een verbod op de lozing van de belangrijkste boosdoeners
in de Rijn vond een gestage toename plaats, maar het peil van voor
de jaren zestig (rond de duizend paar) wordt bij lange na nog niet
gehaald. Begin jaren negentig broedden jaarlijks 250-450 paar in ons
land, zo'n driekwart hiervan in de Delta en de rest in het Waddengebied.