L 16-17cm - SW 42-48cm. Korter lijf, maar langere vleugels dan Boerenzwaluw.
Biotoop
Bij
slecht weer vaak in grote groepen samen met andere zwaluwen boven
meren en andere natte gebieden. Broedt talrijk in steden en dorpen
onder dakpannen en in nissen van gebouwen en soms ook in boomholten
en nestkasten.
Kenmerken
De
Gierzwaluw brengt bijna zijn hele leven al vliegend door. Ze vangen
ze insecten, drinken en slapen zelfs in de lucht. De evolutietheorie
valt aan de Gierzwaluw af te lezen. Hij gebruikt zijn pootjes zo zelden
dat ze verworden zijn tot hulpeloze klauwtjes. Hij kan er zich mee
vastgrijpen aan muren e. d. maar hij ervaart de grootste moeite om
weer op te stijgen indien hij op de grond terecht komt. Kom je ooit
zo'n gelande Gierzwaluw tegen, gooi hem dan gewoon de lucht in en
hij is zo weer vertrokken. Gedurende vaak langdurige jachtvluchten
wordt voedsel in de krop verzameld. Is volledig afhankelijk van voor
vliegende insecten gunstige weersomstandigheden en legt ook ijn broedtijd
lange afstanden af om ongunstig weer te ontwijken. De jongen hebben
een speciale aanpassing om slecht weer te overleven (in zekere mate
ook de adulten). Na enige dagen met voedselgebrek raken ze in energiebesparende
staat van verdoving waarmee ze tot 15 dagen honger kunnen overleven.
In die periode groeien de jongen wel niet. Groepen vliegen vaak in
formatievluchten met razende snelheid rondom broedplaatsen.