Iets groter dan andere franjepoten. Vreemde proporties
met langere hals, langere, naalddunne snavel en langere poten. Zwemt,
maar loopt ook vaak in ondiep water of langs modderige oevers, pikkend
naar insecten in sluipende, ineengedoken houding met omhoogstekend
achtereind en bijna grondrakende borst.
Trek
Broedt in Noord-Amerika. Dwaalgast in Europa. Jaarlijks
vele gevallen in Brittannië en Ierland, meestal 1e winters in
augustus-oktober.
Aantallen
In Nederland tot en met 1998 16 gevallen (april-november).