Dwergvleermuis
Pipistrellus pipistrellus
Dwergvleermuis (Pipistrellus pipistrellus)
Data lengte: 3 - 4,5 cm
spanwijdte: 18 - 24 cm
gewicht: 3,5 - 8 g
Frequenties 40 tot 50kHz (best op 45Khz). Het geluid van de dwergvleermuis vertoont bij het scannen met een detector een typische overgang van 'twiet'- naar 'tok' geluiden rond de 45 khz.
Biotoop De dwergvleermuis is sterk gebonden aan gebouwen, waar hij zich overwegend schuilhoudt in spouwmuren, rolluikkasten en andere nauwe besloten ruimtes met een rechtstreekse uitgang naar buiten. Soms vertoeven ze op zolders, tussen dakbalken of achter luiken. Ze komen af en toe binnenshuis terecht en verstoppen zich dan achter schilderijen of gordijnen. Ze overwinteren van eind november tot eind maart op koele, droge plaatsen onder daken en in oude, holle bomen.
Voedsel Kleine insecten zoals nachtvlinders, muggen en gaasvliegen, eten ze in de vlucht; grotere worden op een vast plekje, zoals een tak, verorberd. De voedselresten hopen zich dan onder de boom op. Tijdens de jacht vliegen ze snel en fladderend, met veel wendingen en spiraalvormige duikvluchten. Voordat de vleermuizen 15-30 minuten vóór zonsondergang uitvliegen, kan men ze al onrustig horen piepen. Ook in de winterperiode vliegen ze nu en dan uit, soms zelfs overdag.
Voortplanting Voor de piepkleine, gewoonlijk in juni geboren jongen is warmte essentieel. De eerste week zijn ze naakt en kunnen ze gemakkelijk afkoelen. Hoe warmer het is, hoe sneller ze groeien. Ze vliegen na 3 weken. In de zomer leven de wijfjes met hun jongen in aparte kolonies, gemiddeld tussen 10 en 50 dieren, maar er zijn ook groepen van honderden waargenomen. Ze krijgen één jong, zelden twee. De paring vindt plaats in de gemengde winterkolonies. De bevruchting wordt echter uitgesteld tot april.
Gedrag Veel mensen hebben schrik voor ziektes of geurhinder in hun huis. Geen van beide vallen met dwergvleermuizen te vrezen. De keutels rotten niet, en deze soort brengt geen enkele ziekte over. Ze eten iedere nacht de helft van hun gewicht aan muggen, zo'n 500-1000 stuks, dus een kolonie in de beurt is in feite een zegen.
Kenmerken

De dwergvleermuis is de kleinste vleermuis van Europa, op zijn pas ontdekt neefje, de kleine dwergvleermuis na. Er passen er maar liefst twee in een luciferdoosje! De dwergvleermuis is vrij eenkleurig bruin tot rosbruin; de onderzijde is slechts iets bleker. Ze hebben een donkerbruin gezicht en donklere vlieghuid. Door hun grootte zijn ze moelijk te verwarren met de meeste andere soorten. De meeste mensen denken dat het een zeer jonge vleermuis betreft (jonge vleermuizen zijn echter kaal en blind). Het onderscheid met respectievelijk de kleine dwergvleermuis en ruige dwergvleermuis ligt in subtiele verschillen van formaat en lengte van vingerkootjes en onderarm.

Aantallen Algemeen. Iedere straat heeft wel één of meer exemplaren. Als je in de tuin een vleermuis ziet, dan is er 90 % kans dat het de gewone dwergvleermuis is.


Naar het overzicht...

© 1999-2008 natuurbeleving.scene24.net