Wilde Kat Felis sylvestris |
|
 |
|
| Data |
lengte: 50 - 80 cm
staartlengte: 25 - 40 cm
gewicht: 5 - 11 kg
leeftijd: hoogstens 12 jaar |
|
| Biotoop |
Afgelegen streken in middelgebergten en hoogveengebieden.
Het hol bevindt zich op een plek met een goed uitzicht op de omgeving onder
stenen, een stronk of in een oude vossenburcht. |
|
| Voortplanting |
Onder normale omstandigheden is er één worp.
Een tweede laat in de zomer is meestal het gevolg van kruising met een verwilderde
huiskat. Omdat huiskatten gewoonlijk kleiner zijn, zal bastaardering de
oorzaak zijn van een geringe afname van de gemiddelde grootte van wilde
katten in deze eeuw. Voor de paring volgt de kater de poes en snuffelt aan
haar flanken. De paring vindt in februari-maart plaats. De draagtijd duurt
65 dagen. Meestal wordt er in mei een worp van 3 à 6 jongen ter wereld
gebracht. Na 4 of 5 weken verlaten ze het hol. Ze zijn bijzonder speels.
Bij 9 weken leert de moeder hen jagen en op een leeftijd van 4 maanden worden
ze gespeend. De jongen zijn op een leeftijd van circa vijf maanden onafhankelijk
en bij tien maanden volgroeid. |
|
| Voedsel |
Hun voedsel bestaat vooral uit konijnen, jonge hazen, kleine
knaagdieren en vogels. Ze bespringen hun prooi vanuit een hinderlaag of
besluipen deze en verrassen hem dan met een korte sprint. |
|
| Territorium |
De kater verdedigt een territorium van ruim een halve vierkante
kilometer. Ze zijn meestal trouw aan één partner, maar brengen
veel tijd alleen door. Een wilde kat krabt niet alleen aan een boom om zijn
nagels te scherpen, maar markeert tevens zijn territorium met geurstoffen
uit klieren aan de voet. Een in het nauw gedreven kat zet een hoge rug op,
legt de oren plat, ontbloot de tanden en blaast. Kleine honden weet hij
op een afstand te houden. |
|
| Gedrag |
Wilde katten zijn solitaire of in paren levende nacht- en
schemeringsdieren. Overdag rust de wilde kat meestal. Vaak ligt hij dan
op een tak of een rotspunt te zonnen, vanwaar hij de omgeving kan overzien.
In de herfst vormen wilde katten een vetlaag als reservebrandstof om de
vaak strenge koude van hun woongebied te doorstaan. |
|
| Kenmerken |
De wilde kat lijkt op een cyperse huiskat, maar is iets groter
en bezit een langere, zachtere vacht. Hij heeft zwarte of grijze strepen
over het lichaam en een volle, stompe staart met 3 à 5 donkere ringen.
Een cyperse kat is meer gevlekt en een wilde kat zuiver gestreept, maar
er komen ook kruisingen voor. Een wilde kat heeft een stompe staart en die
van een huiskat eindigt puntig. |
|
| Aantallen |
In het verleden werd hij door de mens als ongedierte beschouwd
en zwaar vervolgd. In de vorige eeuw was hij overal in Europa vrijwel uitgeroeid,
maar de laatste tijd schijnt hij zijn gebied in Duitsland en Schotland weer
enigszins uit te breiden. |
|
|
|
|
 |
 |